woesjjjjj
Ik ken iemand die heel veel praat. Als een garagedeur staat zijn mond de hele dag open.
Soms vraagt hij halverwege een verhaal: ‘Of heb ik je dit al eens verteld?’ Ik zou het ’m niet kunnen zeggen, want ik luister nooit. Zijn woorden zijn als langsrijdende auto’s op een snelweg: ‘Woesjjjjj.’